logojwpott  

jurry pott

HV 2201 levenskracht de brugkerk in amersfoort

 Levenskracht

 

De Brugkerk in Amersfoort stroomde ook dit jaar weer vol met leerlingen. Er was koffie voor iedereen en gezellig werd er gepraat in de hal. Hier hielden we jaarlijks onze vieringen voor Pasen en Kerst. Een heel bijzondere sfeer, honderden jongeren uit verschillende opleidingen van onze school, die allemaal naar de viering kwamen. Vieringen hoorden erbij, zo vonden we als school ‘De Horst’. Ook dit jaar hadden we geprobeerd er een aparte viering van te maken en hopelijk zouden de sfeer, de tekst en de muziek en vooral de beelden de leerlingen raken Het thema voor deze Paasviering was Levenskracht en we hadden er in de voorbereidingsgroep veel over gepraat met leerlingen en docenten hoe we dit woord echt krachtig konden neerzetten, dat het niet alleen maar verbeelding zou zijn, maar dat alles vooral tot de verbeelding zou spreken. De kerkzaal vulde zich, in vier grote driehoeken stonden de stoelen opgesteld, een ruimte in het midden was opengehouden. Toen de muziek zachtjes begon door te klinken hield vanzelf het geroezemoes op. De ogen werden gericht naar het toneel. Het doek opende zich en een toneel waar groene takken op de grond lagen werd zichtbaar. Verder was er alleen een groene appel op een plastic standaard zichtbaar. Een heel opmerkelijk begin, een paradijselijk begin. Daarover sprak de ingesproken tekst tussen de muziek door. Het scheppingsverhaal, de bedoeling van leven met God en mensen werd verteld. Muziek vulde de ruimte. Na een korte stilte verscheen op het toneel een vrouw in een lang wit gewaad. Muziek zwelde aan, klonk af en toe eerder schril dan harmonieus, dan weer zeer welluidend, en met die muziek mee danste de vrouw op haar blote voeten haar danspassen, haar gewaad drapeerde zich door de ronddraaiende bewegingen in sierlijke gratie om haar lichaam, ze danste op de muziek en op de wind, die aan kwam uit de hoge. De groene appel begon even later een eigen leven te leiden, werd opgetild aan een onzichtbaar koord en de vrouw draaide er om heen. Ineens in een orgie van geluid greep zij de appel en drukte die aan haar hart, beet erin, nam nog een hap en nog een hap. De muziek stokte, de lichten gingen ook ineens uit. De wereld werd ineens heel duister en stil. Een spot op het toneel zette de vrouw in het volle licht en In volkomen stilte keek de vrouw de zaal in naar de jongeren. Zij gooide het klokhuis op de grond. De stilte erna leek wel een eeuwigheid te duren. Een stem vertelde het verhaal van Palmpasen en in de zaal stonden leerlingen ‘spontaan’ op, liepen naar voren, het toneel op en pakten de groene takkern op en gingen ermee zwaaien. Juichmuziek overstemde alles, blijheid heerste overal. Korte tijd later werden de takken neergezet, het toneel leek ineens op een tuin, de muziek werd zachter en ruiste langzaam weg.. Het werd weer stil, doodstil. Je kon een speld horen vallen, De vraag lag op ieders lip: Wat zou er nu gaan gebeuren? We hoorden het verhaal van Witte Donderdag, het verhaal van brood en wijn, het verhaal van leven. Het verhaal van leven delen met elkaar. Even later ontrolde zich heel langzaam een doek waarop een kruis stond. Een monoloog doorboorde de stilte en vertelde het verhaal van Goede Vrijdag, krijsende klanken en klanken uit Jezus Christ Superstar vulden de kerk, toen werd het weer stil, een Stille Zaterdag lang en na de stilte was er ineens weer licht, de lichten gingen weer aan, in zachte muziek weerklonk het verhaal van Pasen Had iemand gemerkt dat de vrouw in het witte gewaad uit het wit naast het kruis naar voren trad en weer in het floodlight trad, weer op het toneel stond midden in de tuin waar de groene takken nu stonden opgericht? Had iemand gezien dat op de standaard weer een appel lag, een nieuwe appel niet een groene, maar een echte bellefleur, als teken van nieuw leven. De muziek werd weer zachter en onhoorbaar en in die ontstane ademloze stilte hoorde je ineens een stem: ‘Maria” en weer ‘Maria’. ‘Ik ben het’, ik ben opgestaan, sta ook op en ga ook de weg van het leven.’ ‘Ik geef je levenskracht !’

 

Op dat moment gebeurde er ineens van alles. Het doek van het toneel sloot zich, en opende zich nog een keer. En weer hoorde je die zelfde woorden. Als in een schilderij stond daar de vrouw nu met de appel in de hand. De muziek stierf weer weg, maar werd overgenomen door vier vrouwen, die al zingende het lied van de Levende Heer de paden doorkruisten, tussen de leerlingen door. Zij liepen naar de open ruimte midden in de zaal. Zij droegen ieder een kussen met een appel erop en legden die in het midden in de open ruimte neer. Al zingende trokken ze zich ook weer terug en bleven staan op de vier uiteinden, verbeeldend de uiteinden en de windstreken van de aarde: oost, west, zuid en noord. Het serene gezang stierf weg, werd neuriënd doorgezet, de echo weerklonk nog even in de stille kerk. Had iemand gemerkt dat ik knielde op een kussen en de stilte doorbrak met een gebed ?. Het was heel vreemd om in die kerk, vol met leerlingen alleen nu mijn stem te horen .Woorden te horen die een gebed uitspraken. Een gebed om levenskracht voor iedereen en dat waren dit jaar heel veel leerlingen, veel docenten, ieder met zijn of haar eigen levensverhaal en allen hadden we levenskracht nodig. En God wilde die in Jezus volop aan ons schenken, daar waren we hoorbaar en zichtbaar deelgenoot van geworden deze morgen. En na het Amen zwelt heerlijke muziek aan als teken van kracht, van leven, van levenskracht.